Wat zijn bollenschuren

Bollenschuren zijn beeldbepalende elementen in het cultuurhistorisch erfgoed van de Duin- en Bollenstreek. Ze zijn onlosmakelijk verbonden met het zanderijenlandschap, met zijn bollenvelden, kaarsrechte zandsloten en heggen en vormen zo de erfenis van het rijke verleden van de bloembollenteelt. In het rapport "Cultuurhistorisch Onderzoek van Bollenschuren" wordt de bouw- en gebruiksgeschiedenis uitgebreid beschreven.
  Bollenschuren zijn gebouwd als opslag- en werkruimte voor de bollenkwekers. In de schuur werden de bloembollen gedroogd op houten stellingen. Het grootste deel van de schuur werd daardoor in beslag genomen.

Daarnaast was er een werkruimte om de bollen te pellen, te sorteren en te verpakken en tevens een kantoor voor de directie en administratie.

De houten stellingen in de schuren vormen tevens de dragende constructie van de bollenschuur. Soms zijn deze stellingen nog intact, vaak zijn ze al vervangen door een staalconstructie, vooral als de bollenschuur een niet-agrarische bestemming heeft gehad.

In veel schuren zijn later koelcellen gebouwd, waarin de bollen op de juiste temperatuur bewaard konden worden, zodat ze tegen Kerstmis in bloei getrokken konden worden. 

De bouwgeschiedenis van de bollenschuren kan grofweg onderverdeeld worden in vier tijdperken. Elke periode kent zijn eigen stijlkenmerken voor de bollenschuur, die we terugvinden in de typologie van de bollenschuren.

 Houten bollenschuur Bollenschuur type I

In de beginperiode van de bollencultuur (1850-1890) werden de schuren voornamelijk van hout gebouwd; ze kregen in deze periode doorgaans één of twee bouwlagen en een zadel- of een mansardedak. In de gevels werden op regelmatige afstand openslaande deuren of ramen geplaatst voor natuurlijke regeling van het binnenklimaat. Daarnaast werden ook bloembollen bewaard op de zolders van boerenschuren en tuinderswoningen. De meeste houten bollenschuren zijn verdwenen of werden later vervangen door stenen exemplaren. De schuren die over zijn, dateren meestal van rond 1900. 

  Bollenschuur type II

Tussen 1890 en 1900 werd hout als bouwmateriaal verdrongen door baksteen. De bollenschuren waren in het algemeen twee verdiepingen hoog. Onder het dak, meestak een zadeldak of mansardekap, was ook nog ruimte voor de opslag van bollen.

In de gevels werden op regelmatige afstand deuren of ramen aangebracht voor natuurlijke regeling van het binnenklimaat.


Bollenschuur type 3  Bollenschuur type III

Het platte dak deed z'n intrede en vanaf 1910 werden de meeste schuren met platte daken gebouwd.

Deze waren voor het overgrote deel van steen en hadden twee of drie bouwlagen. In de gevels bevonden zich nog altijd openslaande deuren of ramen voor een natuurlijke klimaatbeheersing.

Bollenschuur type 4  Bollenschuur type IV

Rond 1925 kwam de mechanische klimaatbeheersing met ventilatoren in zwang. Hierdoor veranderde het uiterlijk van de bollenschuren ingrijpend. De openslaande deuren waren niet meer nodig en werden dichtgemetseld.

In de nieuwe schuren kwamen kleinere stalen ramen in de gevels en de ventilatieroosters zijn aan de buitenkant zichtbaar.

Sloop bollenschuur Van Bourgondien  Bij de sloop van de bollenschuur van Van Bourgondiën in Hillegom was goed te zien hoe een stellingenschuur is gebouwd. De muren werden afgebroken terwijl de stellingen bleven staan.
U bevindt zich hier: Home Werkgroepen Bollenerfgoed Wat zijn bollenschuren?